DIA 19 september 2007

De flyer van de DIA

De eerste DIA: Antoine Bodar over 'Rome en Reformatie'

Na een goede Ichthus maaltijd op woensdagavond, waar veel gasten aanwezig waren, was het tijd voor de eerste DIA van het nieuwe jaar. Als spreker was uitgenodigd meneer Antoine Bodar, een Nederlandse, Rooms-katholieke priester die tegenwoordig in Rome woont. Naar eigen zeggen is hij verfoeid en geliefd door helderheid van geloofsgetuigenis, hij schroomt niet om te spreken over Christus en Zijn Kerk en aldus zaken bij de naam te noemen -- tegen de waan van de week in (bron: www.antoinebodar.nl). Tijdens zijn inleiding schetste hij een uiteenzetting van de grootste verschillen tussen de katholieke en de protestantse kerken. Zaken als de viering van de eucharistie, heiliging van Maria, persoonlijke geloofsbeleving en de rol van de kerk kwamen aan de orde. Vervolgens was er voor de Ichthianen en aanwezige gasten gelegenheid om meneer Bodar te bestormen met vragen. Dit was een goede manier om meer uitleg te krijgen over de genoemde verschillen. Veel discussie ging over de persoonlijke geloofsovertuiging van meneer Bodar, omdat hij aangaf slechts te hopen op behoudenis. Verder werden er vragen gesteld over de rol van de paus en de (schijnbare) afwezigheid van actieve, Rooms-katholieke jongeren in ons land. Helaas tikte de tijd door en werd het tijd om af te sluiten. Ik denk dat ik niet alleen voor mezelf spreek als ik zeg dat ik meneer Bodar nog wel eens persoonlijk zou willen spreken om meer vat te krijgen op de ideeën van de katholieke kerk, omdat er helaas nog veel onderwerpen niet uitgediept zijn. Joël overhandigde meneer Bodar een Ichthusposter en na een applaus was de avond ten einde.

Judith Duijzer-Smouter


‘Een goeie katholiek’ – de strijd tegen de vrijzinnigheid

‘Een slechte katholiek, is nog beter dan een goeie protestant’. Dit was een opvatting die leefde in het katholieke zuiden waar mijn protestantse oma opgroeide. Ze leefde achter de spoorlijn met hun eigen protestante bakker en slager. Fijn vond ze het niet, maar ze was er aan gewend en ze heeft het haar leven eigenlijk nooit echt laten beïnvloeden. Ongetwijfeld zijn zulke gedachten in protestantse gebieden evenzo gedacht over katholieken.

Ik vertelde mijn oma over de lezing van Antoine Bodar bij Ichthus. Aanvankelijk zei ze dat ze nooit naar ‘katholieken’ luistert. No hard feelings overigens, maar het interesseerde haar gewoon niet. Dat was haar manier van omgaan met het verschil met de katholieken. Toen ik haar wat meer vertelde waar het over ging, konden we - gelukkig - tot een nieuwe opvatting komen. ‘Een goeie katholiek, is beter dan een slechte protestant.’

Hoe scherp Bodar op het eerste oog de tegenstellingen neerzette tussen katholieken en protestanten - overigens is dit breder dan de Protestantse Kerk in Nederland - , hoe verbonden voelde ik me met zijn strijd tegen de vrijzinnigheid. Die vrijzinnigheid maakte voor mijn oma en mij of een persoon - katholiek of protestant - goed of slecht was. Hoe makkelijk we dit zo neerzetten, des te moeilijker is de concretisering. Hoe geven we dit handen en voeten. Vrijzinnigen hebben ook de bijbel in de hand en met die zelfde bijbel als ik zeggen ze dat God in alle mensen is. Wat maakt mijn opvatting nu sterker op grond van de zelfde bijbel. Mijn visie is immers toch ook maar interpretatie…

Om hier verder mee aan de slag te gaan, hebben we volgens mij een bepaalde bril nodig. Een manier van kijken naar de bijbel die we met z’n allen afgesproken hebben. Antoine Bodar noemde in zijn lezing de Heidelberger Catechismus en de drie sola’s (Sola fide, sola gratia en sola scriptura) Ik begrijp dat de katholieken de Catechismus niet kunnen onderschrijven, en terecht. Maar om de strijd tegen de vrijzinnigheid aan te gaan, moeten we wel op zoek naar nieuwe kaders en zogenoemde belijdenisgeschriften.

In het Nederlands Dagblad van 25 september, ook te lezen via de christelijke nieuwssite oneway.nl, staat een beschrijving van een artikel in het tijdschrift Civis Mundi. Hierin schrijft hoofdredacteur prof. Dr. S.W. Couwenberg: “veel van wat zich nu als evangelish-orthodox manifesteert, zal straks ‘innerlijk vrijzinnig’ blijken te zijn”. In de evangelisch-orthodoxe kerkgemeenschappen, was vaak een aversie tegen de bestaande dogma’s. Het afzetten tegen de gevestigde leer, schept hierdoor ruimte voor het creëren van eigen interpretaties van de bijbel. In dit vacuüm, is er vervolgens ruimte, als we niet oppassen, voor vrijzinnigheid.

Soms was het afzetten tegen de gevestigde leer en de aloude dogma’s ook terecht. Het was in veel gevallen verfrissend. Ik denk echter dat we ze wel moeten behouden en nieuw leven in moeten blazen. Soms moeten we wat schrappen, soms iets aanvullen. Maar zeker niet afschaffen.

De geschiedenis van de katholieke en protestantse kerk heeft diepe sporen van moeite achtergelaten. Sommige katholieke gebruiken zijn mij vreemd en achter sommige opvattingen sta ik ook niet. Toch waardeer ik Bodar heel erg. Een lastige vraag is dan hoe we dan toch, zoals Jezus zelf bidt in het Hogepriesterlijke gebed, allen één kunnen zijn.

Met de gevoeligheid uit het verleden, komt daar niet snel verandering in. Maar toch. Toen ik Bodar hoorde spreken, moest ik even aan Paulus in Romeinen denken die over het lichaam van Christus spreekt als vele leden die hetzelfde lichaam toebehoren. Ieder met zijn of haar talenten. En met een beetje exegetisch knip- en plak werk dacht ik soms dat we inderdaad beide tot hetzelfde lichaam behoren. Als protestant wil ik genieten van de katholieke gave, laat ik nog één katholieke gave noemen; zoals Bodar dat zo mooi zei: de muze.

Hilbert Onvlee


Tussen Rome en Reformatie

Al voor de vakantie hoorde ik een Ichthusbestuurder vol enthousiasme vertellen dat er na de vakantie een DIA zou zijn met Antoine Bodar. Nu ken ik van Bodar alleen zijn “TV-optredens” en helemaal geen boeken of ideeën, maar heb ik wel van horen zeggen begrepen dat Bodar bekend staat als “dé katholieke intellectuele BN-er”. Hierom besloot ik dat dit wel een leuke lezing zou zijn om heen te gaan. Toen de donderdag van te voren Gerhard met een hele enthousiaste glimlach en een bende flyers ook nog eens langskwam bij de VGSU om ons van harte uit te nodigen, kon ik natuurlijk niet meer anders dan langskomen, evenals (zo ontdekte ik op woensdag de 19e) nog zo’n 10 andere VGSU’ers.

Na nog net op tijd te zijn aangekomen om een kop koffie achterover te slaan begon Bodar zijn verhaal in een gezellig volle kerkzaal. Hoewel de temperatuur in de zaal vrij kil was kon dit over de sfeer geenszins gezegd worden. De sfeer was goed en uit de houding van de verzamelde studenten sprak een gretigheid naar wat deze begaafde katholiek ons te zeggen had. Hierin werden we dan ook niet teleurgesteld. Bodar begon allereerst met het uiteenzetten van de verschillen tussen protestanten en katholieken. Het mooie hieraan was het feit dat hij dit deed op een wijze waarmee hij zowel zijn eigen identiteit als katholiek duidelijk naar voren bracht en de vinger op de verschillen legde, als bruggen sloeg over deze verschillen waaruit onze verwantschap naar voren kwamen. Hij schiep een sfeer voor samenspraak met, in plaats van afbraak van elkaar, iets waar wij als protestanten misschien nog wel wat van zouden kunnen leren.

Zelf heb ik door deze avond meer het gevoel gekregen dat wij als katholieken en protestanten broeders zijn van elkaar. Wat natuurlijk niet wil zeggen dat ik meteen alle verschillen niet meer zie. De positie van de paus, heiligen en Maria in de katholieke kerk bijvoorbeeld, daar zie ik toch wel degelijk problemen. Wel vond ik ook dat Bodar een punt maakte met zijn stelling dat het onderscheid tussen orthodoxen en vrijzinnigen veel belangrijker is dan het onderscheid katholiek - protestant. Alleen vraag ik me dan af onder welke categorie de talloze katholieken vallen die slechts in naam katholiek zijn omdat hun ouders dit waren, maar die in feite God niet meer (er)kennen. Deze groep is er natuurlijk niet alleen in de katholieke kerk, maar de vraag blijft natuurlijk wel hoe we deze groep kunnen bereiken. Nu was het Bodar die toegaf dat de katholieke kerk op dit punt wat kon leren van ons protestanten.

Uit het verdere verloop van de avond en de vragen aan hem bleek hij af en toe wel moeite te hebben de vele protestantse kerken uit elkaar te houden. Het mooist vond ik het nog dat de meest kritische vraag kwam van een katholieke medestudent. Het bleek een vruchtbare lezing te zijn geweest, want er waren veel mensen met vragen, sommigen zelfs met wel heel veel vragen.

Na nog even te hebben nagepraat met verschillende mensen was het weer tijd om naar huis te fietsen met in het achterhoofd het besef weer wat nieuws geleerd te hebben op deze mooie avond. Mooie DIA, Ichthus!

Jan-Willem van Dongen
Laatste update: 9 september © 2005-2009 Ichthus Utrecht